U bent hier: Onderwijs en Vorming > Gids voor leerlingen > Startpagina
BUITENGEWOON ONDERWIJS (buso) kan je volgen als je speciale hulp nodig hebt, zoals wanneer je een handicap, leerstoornis of ander probleem hebt. In het buso krijg je aangepaste lessen en deskundige begeleiding op jouw maat. Je kan vanaf dertien jaar, uitzonderlijk vanaf twaalf jaar, naar het buitengewoon secundair onderwijs. De maximumleeftijd is 21 jaar, maar je kan een uitzondering vragen.
Je mag alleen naar het buso als je een inschrijvingsverslag hebt, met het advies van het CLB. Er staat in welke opleidingsvorm en welk type buitengewoon onderwijs het meest geschikt is voor jou.
Het buso biedt 4 opleidingsvormen aan voor leerlingen van 7 types:
Een CENTRUM VOOR LEERLINGENBEGELEIDING (CLB) kan je helpen met leren en studeren, het kiezen van een geschikte studierichting, psychische en sociale problemen en je gezondheid. Niet enkel jij, maar ook je ouders en je school kunnen er terecht bij een team dat bestaat uit onder andere artsen, psychologen, pedagogen en maatschappelijk werkers.
Het adres van het CLB van jouw school vind je in je schoolreglement of op www.ond.vlaanderen.be/clb/adressen
Weigert een school je in te schrijven en ben je het daar niet mee eens, dan kan je een klacht indienen bij de COMMISSIE INZAKE LEERLINGENRECHTEN. Deze commissie werkt onafhankelijk.
Lees meer op www.ond.vlaanderen.be/leerlingenrechtencommissie
Contact
Secretariaat leerlingenrechten - secundair onderwijs
Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming
H. Consciencegebouw
Koning Albert II-laan 15
1210 Brussel
02/ 553 88 40.
Een COMMISSIE VAN ADVIES VOOR HET BUITENGEWOON ONDERWIJS (CABO) verleent ouders advies over de tijdelijke of permanente vrijstelling van leerplicht en over permanent onderwijs aan huis voor leerlingen met een handicap. Voor deze twee zaken hebben de ouders een positief advies van de CABO nodig.
Als ouders, school en/of CLB geen akkoord kunnen bereiken, kunnen zij ook beroep doen op de CABO in verband met de overstap van het gewoon naar het buitengewoon onderwijs en omgekeerd en in verband met de oriëntatie van een leerling binnen het buitengewoon onderwijs naar een meer geschikt(e) niveau, type of opleidingsvorm.
Er is een CABO in elke provincie. Adressen vind je op de site van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap www.vaph.be.
Je kan een vraag stellen of klacht indienen bij de COMMISSIE ZORGVULDIG BESTUR als je school zich niet houdt aan de principes van
Lees meer op www.ond.vlaanderen.be/zorgvuldigbestuur
Contact
Commissie Zorgvuldig Bestuur
Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming
H. Consciencegebouw
Koning Albert II-laan 15
1210 Brussel
02/553.65.56
zorgvuldigbestuur.onderwijs@vlaanderen.be
Het EERSTE LEERJAAR B is bestemd voor jongeren die een leerachterstand hebben opgelopen in het lager onderwijs of minder tot hun recht komen in overwegend theoretisch onderwijs. Dit leerjaar is een brugklas tussen lager en secundair onderwijs. Na het eerste leerjaar B kunnen de leerlingen ofwel naar het beroepsvoorbereidend leerjaar ofwel naar het eerste leerjaar A.
Bij de overstap van basisonderwijs naar secundair onderwijs volgen de meeste leerlingen het eerste leerjaar A. In dit leerjaar volgen de leerlingen alle vakken gemeenschappelijk, welke studierichting ze later ook kiezen. Slechts een klein gedeelte van het lessenrooster is opgesplitst in verschillende keuzevakken.
Bij de EXAMENCOMMISSIE van de Vlaamse gemeenschap voor het voltijds secundair onderwijs kan je deelnemen aan examens om een getuigschrift van de eerste of tweede graad of een diploma van secundair onderwijs te behalen.
Lees meer op www.ond.vlaanderen.be/secundair/examencommissie
Contact
Examencommissie
Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming
H. Consciencegebouw
Koning Albert II-laan 15
1210 Brussel
Over heel Vlaanderen zijn er LOKALE OVERLEGPLATFORMS of LOP’s actief, zowel in het basis- als het secundair onderwijs. Het LOP is een vergadering van directies van scholen en clb’s, schoolpersoneel, ouders én leerlingen, lokale partners en organisaties van allochtonen en armen, integratiecentra, onthaalbureaus voor nieuwkomers en schoolopbouwwerk. Ze werken allemaal samen om de scholieren in hun stad of gemeente gelijke onderwijskansen te bieden. Het LOP geeft advies, steunt bij het inschrijvingsrecht en bemiddelt bij weigeringen.
Lees meer op www.ond.vlaanderen.be/GOK/lop
Het gewoon voltijds secundair onderwijs is opgedeeld in GRADEN EN LEERJAREN. In het dagelijkse leven spreken we van het eerste tot en met zesde leerjaar, soms over het zevende jaar. Maar officieel zit de indeling als volgt in elkaar:
| 1ste graad |
1ste leerjaar A 2de leerjaar |
1ste leerjaar B beroepsvoorbereidend leerjaar |
||
| Algemeen secundair onderwijs (aso) | Technisch secundair onderwijs (tso) | Kunstsecundair onderwijs (kso) | Beroepssecundair onderwijs (bso) | |
|---|---|---|---|---|
| 2de graad | 1ste leerjaar aso 2de leerjaar aso |
1ste leerjaar tso 2de leerjaar tso |
1ste leerjaar kso 2de leerjaar kso |
1ste leerjaar bso 2de leerjaar bso 3de vervolmakingsjaar bso |
| 3de graad | 1ste leerjaar aso 2de leerjaar aso 3de voorbereidend jaar op het hoger onderwijs aso |
1ste leerjaar tso 2de leerjaar tso Se-n-Se (secundair-na-secundair) tso |
1ste leerjaar kso 2de leerjaar kso 3de voorbereidend jaar op het hoger onderwijs kso Se-n-Se (secundair-na-secundair) kso |
1ste leerjaar bso 2de leerjaar bso 3de specialisatiejaar bso Naamloos leerjaar bso |
| 4de graad | 1ste leerjaar bso 2de leerjaar bso |
De INRICHTENDE MACHT wordt ook wel schoolbestuur genoemd. Ze is een beetje te vergelijken met een raad van bestuur in een bedrijf. De leden van de inrichtende macht zijn verantwoordelijk om de school goed te laten functioneren. Ze kunnen over heel wat schoolaangelegenheden zelf beslissen. Ze kiezen bijvoorbeeld totaal vrij de onderwijsmethode, de leerplannen, lessentabellen en het pedagogisch project van de school.
Schoolbesturen die geld willen krijgen van de overheid moeten zich wel aan een aantal bepalingen houden. Zo moeten scholen voldoende uitgerust zijn en genoeg materiaal hebben om de lessen te ondersteunen (bv. boeken, materiaal in het atelier). De gebouwen moeten ook bewoonbaar, veilig en hygiënisch zijn.
De KLASSENRAAD is een bijeenkomst van leerkrachten. Er zijn verschillende soorten klassenraden, elk met een eigen functie en benaming.
De KLASTITULARIS is een leraar die lesgeeft aan een klas of leeftijdsgroep en die bovendien de leerlingen van die klas of groep begeleidt. De klastitularis helpt bijvoorbeeld als je met de klas een middagactiviteit wil organiseren of je kan hem uitleg vragen over het schoolreglement of over je rapport. Hij controleert je schoolagenda en aanwezigheden, maar zoekt ook mee naar een oplossing als je leerproblemen hebt. Ook je ouders kunnen met vragen of opmerkingen naar de klastitularis gaan.
Een LEERLINGENRAAD wordt door de leerlingen verkozen. In de leerlingenraad zitten allemaal scholieren. De raad adviseert de schooldirectie over álles wat leerlingen direct aanbelangt: betaalbare en smakelijke broodjes, lessen- en examenroosters, schooluitstappen, sport, schoolfuiven…
In Vlaanderen bestaat LEERPLICHT voor alle zes- tot achttienjarigen. Er is echter geen schoolplicht. Je moet dus niet noodzakelijk naar school om te leren. Thuisonderwijs is ook mogelijk.
Binnen de Vlaamse regering is de MINISTER VAN ONDERWIJS verantwoordelijk voor bijna alle aspecten van het onderwijsbeleid, van kleuteronderwijs tot en met hoger onderwijs. Alleen de pensioenen van het onderwijspersoneel, het vastleggen van de leerplicht en het bepalen van de minimumvoorwaarden voor het behalen van een diploma behoren tot de federale Belgische bevoegdheden.
De minister staat ook aan het hoofd van het Vlaams Ministerie van Onderwijs. Een paar taken van het ministerie zijn: de lonen betalen van het onderwijspersoneel, informatie geven over de schoolwetgeving aan ouders en leerlingen, eindtermen opstellen en scholen controleren…
Lees meer op www.ond.vlaanderen.be
Contact
Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming
H. Consciencegebouw
Koning Albert II-laan 15
1210 Brussel
In de ONTHAALKLAS VOOR ANDERSTALIGE NIEUWKOMERS (OKAN) leren de leerlingen intensief Nederlands. Na een jaar kunnen ze genoeg Nederlands om naar een gewone klas te gaan. Elke Vlaamse school kan een onthaalklas voor anderstalige nieuwkomers organiseren en daar subsidies voor krijgen.
Adressen en info vind je op: www.ond.vlaanderen.be/onthaalonderwijs
Elke school krijgt vroeg of laat bezoek van de ONDERWIJSINSPECTIE. De inspectie beoordeelt, in opdracht van de overheid, de kwaliteit van het onderwijs. Een team van inspecteurs strijkt neer in de school om te kijken hoe het eraan toegaat. Nadien schrijft de inspectie een doorlichtingsverslag. Iedereen kan de verslagen inkijken op www.ond.vlaanderen.be/doorlichtingsverslagen
In Vlaanderen zijn er drie grote ONDERWIJSNETTEN.
In het secundair onderwijs heb je vier ONDERWIJSVORMEN:
Tijdens het OUDERCONTACT spreken ouders en leraren met elkaar over de leerling/zoon of dochter. Kan zij volgen in de klas? Gaat hij graag naar school? Enzovoort. Zo verbetert het onderling contact en kunnen ouders en leraren eventuele moeilijkheden samen bespreken. In de meeste scholen vindt het oudercontact een vijftal keer per jaar plaats, ’s avonds in de school.
In het schoolreglement vind je de afspraken terug over oudercontact.
Het PEDAGOGISCH PROJECT van de school is de levensbeschouwelijke of filosofische basis van waaruit het onderwijs wordt gegeven. Elke school kiest zelf haar pedagogisch project. Alleen is het gemeenschapsonderwijs verplicht neutraal qua levensbeschouwing en het gesubsidieerd officieel onderwijs moet openstaan voor alle levensbeschouwingen.
Een klein aantal scholen in Vlaanderen is niet erkend door de overheid, de zogenaamde PRIVÉSCHOLEN. Zij worden niet gefinancierd of gesubsidieerd door de overheid en kunnen geen erkend studiebewijs afleveren. Als je in een privéschool les volgt en je wilt een officieel getuigschrift of diploma verwerven, dan moet je dit doen via de Examencommissie van de Vlaamse Gemeenschap voor het voltijds secundair onderwijs.
Leerlingen die in het gesubsidieerd onderwijs naar school gaan (in het vrij, gemeentelijk of provinciaal onderwijs), kunnen een vertegenwoordiger kiezen in de SCHOOLRAAD. Daar zitten hun vertegenwoordigers dan aan tafel met de directie en vertegenwoordigers van ouders, leraren en de lokale gemeenschap. De schoolraad vraagt aan de directie en het schoolbestuur uitleg over allerlei kwesties, onder meer over het schoolbudget.
De raad moet ook advies verlenen over heel uiteenlopende zaken: het
schoolreglement, het studieaanbod, de schoolkosten, schooluitstappen,
verbouwingen op school, de begeleiding en evaluatie van leerlingen…
In het gemeenschapsonderwijs zijn leerlingen niet rechstreeks vertegenwoordigd
in de schoolraad, wel de ouders.
Het SCHOOLREGLEMENT omschrijft de wederzijdse rechten en plichten van leerlingen, ouders en de school. Het omvat o.a. het studiereglement, de verlofregeling, een ordereglement en een tuchtreglement. Als leerling moet je het schoolreglement naleven. Daarom vraagt je school aan je ouders om aan het begin van het schooljaar het reglement te ondertekenen. Zolang dat niet gebeurt, ben je eigenlijk niet ingeschreven. Als je 18 bent, onderteken je zelf het reglement.
In het TSO en KSO bestaan heel wat 7e specialisatiejaren. Deze worden vanaf september 2009 ondergebracht in een nieuw structuuronderdeel, het SECUNDAIR NA SECUNDAIR ONDERWIJS, afgekort: Se-n-Se. Se-n-Se wordt door een gewone secundaire school georganiseerd en na afloop krijg je een ‘certificaat’.
Eigen aan al deze opleidingen is dat ze sterk gericht zijn op de arbeidsmarkt en dat ‘werkplekleren’ (stages) een essentieel onderdeel vormen van het programma. Scholen kunnen voor de organisatie samenwerken met centra voor volwassenenonderwijs, hogescholen, Syntra, Vdab, beroepssectoren, bedrijven,… Se-n-Se wil zowel de mogelijkheden naar tewerkstelling als naar hogere opleidingen bevorderen. Nieuw is dat je kunt instappen op twee momenten, namelijk 1 september of 1 februari.
Nieuw is ook dat als je niet voldoet aan de bestaande toelatingsmogelijkheden (tot de specialisatiejaren), je toch kunt instappen op grond van een toelatingsproef die door de toelatingsklassenraad wordt beoordeeld (bv. voor kandidaat-leerlingen houder van een studiegetuigschrift van de derde graad BSO of voor kandidaat-leerlingen zonder formele vooropleiding).
Tijdens je studies in het secundair onderwijs krijg je STUDIEBEWIJZEN. Je hebt vier soorten studiebewijzen: oriënteringsattesten, certificaten, getuigschriften en diploma’s.
Elke school heeft een TUCHTREGELING. Daarin staat welke procedure en welke regels de school volgt wanneer ze jou een sanctie wil opleggen, zoals bijvoorbeeld een schorsing, een tijdelijke of definitieve uitsluiting. De tuchtregeling staat in het schoolreglement.