Dienstonderbrekingen melden

Dienstonderbrekingen zonder invloed op de betaling melden

Dienstonderbrekingen die geen invloed hebben op de betaling worden ook doorgegeven, omwille van de volledigheid van het dossier en de administratieve correctheid.

Dit zijn bijvoorbeeld DO 90 omstandigheidsverlof en DO 125 samenwerkingsovereenkomst hogescholen. De samenwerkingsovereenkomsten voor de personeelsleden van het centraal fonds waarbij de loonkost door de derde instantie wordt terugbetaald aan het centraal fonds, moeten verplicht worden doorgegeven.

Naar boven

Toelichting bij de tabel dienstonderbrekingen hogescholen

Op Edison - Schoolautomatiseerders - Download personeel staat bij elke dienstonderbreking aangegeven:

  • Of ze al dan niet van toepassing is voor hogescholen
  • Het bereik van de dienstonderbreking:
    • P: persoonsgebonden: de dienstonderbreking wordt gehangen aan alle opdrachten van het personeelslid
    • O: opdrachtgebonden: de dienstonderbreking wordt gehangen aan een opdracht
    • I: instellingsgebonden: de dienstonderbreking wordt gehangen aan alle opdrachten binnen de hogeschool
    • L: leerplangebonden: de dienstonderbreking wordt gehangen aan alle opdrachten binnen een bepaald leerplan.
  • met welke RL (2 of 12) ze wordt doorgestuurd
  • de begin- en einddatum van de geldigheidsperiode van de dienstonderbreking.


Definitie van het bereik van een persoonsgebonden of leerplangebonden dienstonderbreking gemeld met een RL-2


Een persoonsgebonden of een leerplangebonden dienstonderbreking die wordt opgezonden met een RL-2 door andere onderwijsniveaus buiten het hoger onderwijs, wordt alleen gehangen aan de opdrachten van de andere onderwijsniveaus buiten het hoger onderwijs.
Een persoonsgebonden of leerplangebonden dienstonderbreking opgezonden door de andere onderwijsniveaus buiten het hoger onderwijs wordt dus niet gehangen aan opdrachten van het hoger onderwijs.

Een persoonsgebonden of leerplangebonden dienstonderbreking die wordt opgezonden met een RL-2 door een hogeschool wordt alleen gehangen aan alle opdrachten van de betrokken hogeschool en niet aan de opdrachten van de andere onderwijsniveaus buiten het hoger onderwijs. Ze wordt ook niet gehangen aan de opdrachten van een andere hogeschool. Een persoonsgebonden of een leerplangebonden dienstonderbreking heeft dus, indien ze wordt opgezonden door een hogeschool, de waarde van een instellingsgebonden dienstonderbreking.

Opdrachtgebonden dienstonderbrekingen worden steeds samen met de opdracht gemeld in dezelfde RL-12.

Ze werken dus ook met het fotoprincipe. De einddatum van de opdrachtgebonden dienstonderbrekingen kan meegedeeld worden.

Er zijn meerdere mogelijkheden:

  • Men kent de einddatum van de opdrachtgebonden dienstonderbreking niet. In dat geval kan men de einddatum van de opdrachtgebonden dienstonderbreking op "31/12/2999" zetten.

Indien men de einddatum op onbepaald (31/12/2999) zet, loopt de opdrachtgebonden dienstonderbreking mee met de opdracht. Is de einddatum van de opdracht onbepaald, dan loopt de opdrachtgebonden dienstonderbreking ook door. Wanneer de opdracht gestopt wordt , stopt ook automatisch de opdrachtgebonden dienstonderbreking.

  • Men kent de einddatum van de opdrachtgebonden dienstonderbreking en men wenst die ook mee te delen.

In dat geval stopt de dienstonderbreking op de opgegeven einddatum. Indien de einddatum van de opdracht later ligt dan de einddatum van de dienstonderbreking blijft de opdracht lopen.

  • De opdrachtgebonden dienstonderbreking eindigt toch vroeger dan verwacht. In dat geval moet de opdracht opnieuw worden opgegeven zonder de opdrachtgebonden dienstonderbreking te herhalen. De dienstonderbreking zal dan worden stopgezet vanaf de opgegeven geldigheidsdatum van de laatst opgezonden opdracht.

Naar boven

Enkele principes

Wanneer een voltijdse dienstonderbreking gemeld wordt via RL-2 met een begin- en een einddatum, moet er dan een nieuwe RL-12 doorgestuurd worden met de situatie op de dag na de einddatum van de voltijdse dienstonderbreking?

Er moet geen nieuwe RL-12 worden doorgezonden na het melden van een RL-2. Een dienstonderbreking opgezonden met een RL-2 werkt onafhankelijk van een RL-12. De dienstonderbreking wordt "geplakt" aan de betrokken opdracht die reeds werd opgezonden via een RL-12. Wanneer de einddatum van de opdracht later in de tijd ligt dan de einddatum van de dienstonderbreking, dan loopt de opdracht gewoon verder. Het is niet nodig om een nieuwe RL-12 op te zenden. Dit mag maar is totaal overbodig.

Er is 1 uitzondering op dit principe: lees volgende vraag en antwoord.

Houdt het weddensysteem steeds automatisch rekening met anciënniteit die stopt of doorloopt tijdens de dienstonderbreking afhankelijk van het soort voltijdse dienstonderbreking?

Het weddensysteem houdt geen rekening met dienstonderbrekingen voor wat betreft de anciënniteit. De anciënniteit wordt berekend in de hogeschool, er gebeurt hier geen enkele vorm van anciënniteitberekening (buiten het wel en niet ophogen van de anciënniteit – veld 16 en de blokkering van de anciënniteit – veld 17).

Wanneer er bijvoorbeeld een voltijdse onbezoldigde dienstonderbreking wordt genomen die niet mag meetellen voor de anciënniteit zou de anciënniteit moeten geblokkeerd worden gedurende de volledige duur van de dienstonderbreking. De hogeschool zal dit zelf moeten aangeven in veld 16 van de RL-12. Indien dit niet gebeurt, dan zal ook gedurende de duur van de dienstonderbreking de anciënniteit maand per maand worden opgehoogd. In de praktijk zal dit geen probleem leveren omdat er toch geen  salaris is. Voor de administratieve correctheid in het EPD is het echter wel nodig, en het kan ook een rol spelen als er herzieningen gebeuren. Het is dus zeker aangeraden om de anciënniteit via een RL-12 te blokkeren. Na de einddatum van de dienstonderbreking moet er dan een nieuwe RL-12 gezonden worden met de correcte, dus niet verhoogde (en niet meer geblokkeerde) anciënniteit.

Eigenlijk is het dus beter om bij onbezoldigde dienstonderbrekingen die niet mogen meetellen voor de anciënniteit (AVP, onbezoldigd ziekteverlof voor tijdelijke personeelsleden) geen RL-2 te gebruiken maar een RL-12. Dan kan de anciënniteit onmiddellijk geblokkeerd worden.
Bijvoorbeeld voor:

  • volledige AVP 220 - opdrachtgebonden
  • onbezoldigd ziekteverlof tijdelijken : 134 - opdrachtgebonden (en niet 131 - instellingsgebonden)
  • TBS ziekte benoemden: 135 - opdrachtgebonden (en niet 132- instellingsgebonden), hier moet de anciënniteit meestal wel weer bijgeteld worden bij herneming, dus de correcte of verhoogde anciënniteit doorgeven na de dienstonderbreking.

Wat stuur ik door als een opdracht gelijktijdig onderbroken wordt door meerdere (2 of meer) dienstonderbrekingen?

Als er 2 dienstonderbrekingen genomen worden op 1 opdracht, wordt de volledige opdracht 2 maal opgestuurd, telkens met 1 dienstonderbreking. De opdracht mag niet gesplitst worden.

Bijvoorbeeld: een personeelslid is 100% aangesteld als ATP A12, heeft een ambtswijziging van 50% naar ATP A21 en neemt voor 30% verlof verminderde prestaties (de betaling is 50% A21 barema 587 en 20% A12 barema 586):

Volgende RL-12 worden gestuurd:

  • 100% ATP A12 586 met DO 128 VVP voor 30%
  • 100% ATP A12 586 met DO 124 voor 50%
  • 50% AW ATP A21 587

Beide RL12-velden moeten identiek zijn, enkel de DO, het volume DO en de einddatum DO mogen verschillen.

Dit principe wordt toegepast indien er meerdere dienstonderbrekingen aan 1 opdracht hangen.

Naar boven