Ziekteverlof van je hogeschoolpersoneel: praktisch

Berekening van het ziekteverlof

Als hogeschool ben je zelf verantwoordelijk voor de berekening van het ziekteverlof.

Je kan ondersteuning vragen aan de cel Personeel Hoger Onderwijs van het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen (AHOVOKS), voor personeelsleden die:

  • Al voor 1996 in dienst waren
  • In andere onderwijsniveaus diensten presteren of gepresteerd hebben

Je dossierbehandelaar maakt dan een manuele berekening op basis van de gegevens in het dossier en houdt daarbij rekening met al opgenomen ziekteverloven in andere onderwijsniveaus.

De regels om het ziekteverlof van je onderwijzend en administratief en technisch personeel te berekenen, vind je op de pagina’s:

De cel Personeel Hoger Onderwijs zal ook het wachtgeld bij terbeschikkingstelling wegens ziekte (tbs ziekte) berekenen.

Naar boven

Gebruik de juiste dienstonderbrekingscode (DO-code)

Er zijn 6 dienstonderbrekingscodes voor ziekte van hogeschoolpersoneel:

3 instellingsgebonden codes

In de meeste gevallen gebruik je 1 van de 3 instellingsgebonden codes voor ziekteverlof. Stuur die codes met een RL-2. Ze gelden voor alle opdrachten in je hogeschool: 

  • DO 130 (bezoldigd ziekteverlof)
  • DO 131 (onbezoldigd ziekteverlof)
  • DO 132 (tbs ziekte)

Je mag deze codes ook gebruiken als je personeelslid in combinatie met ziekteverlof een andere, opdrachtgebonden dienstonderbreking heeft.


3 opdrachtgebonden codes

Gebruik de opdrachtgebonden codes alleen als je per opdracht een verschillend resultaat moet verkrijgen.

Stuur de codes met een RL-12:

  • DO 133 (bezoldigd ziekteverlof)
  • DO 134 (onbezoldigd ziekteverlof)
  • DO 135 (tbs ziekte)


Een aantal voorbeelden:

  • Een personeelslid heeft gedeeltelijk een opdracht als administratief en technisch personeel (ATP) en gedeeltelijk als onderwijzend personeel (OP). De verwerking van het ziekteverlof kan dan een verschillend resultaat geven. Bijvoorbeeld: geen uitputting ziekteverlof voor het gedeelte OP, wel uitputting voor het gedeelte ATP.
     
  • Een personeelslid is gedeeltelijk benoemd en gedeeltelijk tijdelijk.
    Is het ziekteverlof voor 1 van beide of voor beide opdrachten uitgeput, gebruik dan 1 van de opdrachtgebonden dienstonderbrekingen ziekte.

    PS: is er voor beide opdrachten nog recht op bezoldigde ziektedagen, gebruik dan de instellingsgebonden dienstonderbreking 130 ‘bezoldigd ziekteverlof hogescholen’.
     
  • Een personeelslid met verlof voor verminderde prestaties (vvp) en met terbeschikkingstelling wegens ziekte (tbs ziekte).
    Gebruik de opdrachtgebonden DO 135 omdat de tbs ziekte maar op een gedeelte van de opdracht betrekking heeft.
     
    Bijvoorbeeld: een voltijds benoemd personeelslid heeft een opdracht van 100% en neemt voor 50% vvp. Als het personeelslid in tbs ziekte terechtkomt, zal de dossierbehandelaar het wachtgeld voor de tbs ziekte berekenen op de nog overblijvende 50% prestaties. Dat gebeurt zo omdat een tbs ziekte geen einde maakt aan het vvp.

    In dit voorbeeld vertrek je 2 keer van de totale opdracht omdat het 2 opdrachtgebonden dienstonderbrekingen zijn van eenzelfde opdracht:
    • Gebruik een RL-12 met opdracht van 100% en een opdrachtgebonden  DO 128 voor 50% vvp.
    • Gebruik diezelfde RL-12 met opdracht van 100% en een opdrachtgebonden  DO 135 voor 50% tbs ziekte vastbenoemden hogescholen.
      De cel Personeel Hoger Onderwijs zal het wachtgeld berekenen op een opdracht van 50%.

Naar boven

Doe de zending onmiddellijk

Verzend het ziekteverlof onmiddellijk. Zo vermijd je problemen, zeker in de volgende gevallen:

  • Bij een personeelslid dat veelvuldig ziek is en bij wie het bezoldigde ziekteverlof uitgeput raakt.
     
  • Bij een personeelslid van wie het ziekteverlof uitgeput is en voor wie je een tbs ziekte of een onbezoldigd ziekteverlof voor tijdelijken moet verzenden. Dat heeft onmiddellijk gevolgen voor de betaling.
     
  • Bij gecombineerde dossiers met andere onderwijsniveaus. De diensten gepresteerd in een hogeschool tellen ook mee voor:
    • De sociale anciënniteit voor benoemde personeelsleden
    • Het aantal bezoldigde tijdelijke dagen voor tijdelijke personeelsleden

Voor die dossiers gebeurt de verwerking op het niveau van het ander onderwijsniveau in het elektronisch personeelsdossier. De bezoldigde ziektedagen in een hogeschool worden dus aangerekend op het contingent bezoldigde ziektedagen van het personeelslid in de andere onderwijsniveaus.

Naar boven