Evaluatie

Informeer je personeelslid

Alles wat je personeelslid moet weten over de evaluatie van zijn of haar werk, vindt het op de pagina’s voor onderwijspersoneel over functiebeschrijving en evaluatie.

Naar boven

De evaluatoren

Bij het begin van het evaluatieproces worden de evaluatoren aangeduid. Voor de meeste ambten zijn er 2 evaluatoren.

Directeur, beheerder en adjunct-directeur

De ambten van directeur en van beheerder van een internaat vormen een uitzondering. Voor die ambten is de raad van bestuur (in het GO!) of het school- of centrumbestuur (in het gesubsidieerd onderwijs) bevoegd voor de evaluatie. In het gesubsidieerd onderwijs kan ook de adjunct-directeur door het bestuur geëvalueerd worden, maar dat is geen wettelijke verplichting.

Levensbeschouwelijke vakken

Voor personeelsleden die een levensbeschouwelijk vak geven, zijn de evaluatoren alleen bevoegd voor de evaluatie van niet-vakinhoudelijke aspecten van de job. Voor de evaluatie van vakinhoudelijke en vaktechnische aspecten is een vertegenwoordiger van de bevoegde instantie van de eredienst of de niet-confessionele zedenleer bevoegd.

Naar boven

Het evaluatieproces

  • Wie kan of moet als evaluator optreden?
  • Hoe verloopt het evaluatieproces?
  • Wat zijn de gevolgen van een evaluatie met eindconclusie 'onvoldoende'?

Je leest het in de omzendbrief functiebeschrijving en evaluatie.

Naar boven

Het college van beroep

Een personeelslid dat een evaluatie kreeg met eindconclusie ‘onvoldoende’, kan daartegen in beroep gaan bij het college van beroep. Meer informatie en geanonimiseerde uitspraken van het college vind je op de website van het Agentschap voor Onderwijsdiensten.

Naar boven