Dienstanciënniteit en ambtsanciënniteit

Wat is het?

Dienstanciënniteit is het aantal jaren, maanden en dagen dat je in dienst bent als personeelslid in het onderwijs.

Ambtsanciënniteit is je dienstanciënniteit in een bepaald ambt.

Dienstanciënniteit is belangrijk voor je loopbaan:

  • Ze is bepalend voor de voorrangsregeling bij de tijdelijke aanstelling van doorlopende duur (TADD) en bij de voorwaarden voor een vaste benoeming.
  • Ook na je vaste benoeming blijft dienstanciënniteit belangrijk: als je opdracht in je school in het gedrang komt.

Als 2 of meer personeelsleden dezelfde dienstanciënniteit blijken te hebben, wordt de ambtsanciënniteit in aanmerking genomen.

Naar boven

Berekening
 

Per scholengemeenschap of centrumbestuur

Per scholengemeenschap in basis- en secundair onderwijs

In het basisonderwijs en het secundair onderwijs telt de dienstanciënniteit per scholengemeenschap.

Als je aanspraak wil maken op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur, tellen voor de berekening van je dienstanciënniteit (die de voorrang voor de aanstelling bepaalt) alleen de prestaties mee die je hebt geleverd in een van de scholen van de scholengemeenschap waar de tijdelijke aanstelling gebeurt.

Hetzelfde geldt voor de voorwaarden voor een vaste benoeming  in een school: alleen de prestaties in de scholengemeenschap waar de school toe behoort, tellen mee om aan de voorwaarde van minimaal 720 dagen dienstanciënniteit te voldoen.

Per centrumbestuur in volwassenenonderwijs en deeltijds kunstonderwijs

In het volwassenenonderwijs of het deeltijds kunstonderwijs geldt de dienstanciënniteit per centrumbestuur (er zijn geen scholengemeenschappen).

Prestaties in het buitengewoon onderwijs

Voor een aanstelling in een wervingsambt in het gewoon basisonderwijs of secundair onderwijs

Je schoolbestuur kan rekening houden met dienstanciënniteit die je hebt verworven in een wervingsambt in het buitengewoon basisonderwijs of secundair onderwijs. Dat is wel beperkt tot een maximum van 720 dagen.

Voor een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur in een wervingsambt van het gewoon basisonderwijs of secundair onderwijs

Je schoolbestuur kan bij de berekening van je dienstanciënniteit rekening houden met de dienstanciënniteit die je hebt verworven in een wervingsambt in het buitengewoon basisonderwijs of secundair onderwijs. Dat is beperkt tot een maximum van 600 dagen.

Voor een vaste benoeming in een wervingsambt in het gewoon basisonderwijs of secundair onderwijs

Ook hier kan je schoolbestuur voor de berekening van je dienstanciënniteit rekening houden met de dienstanciënniteit die je hebt verworven in een wervingsambt in het buitengewoon basisonderwijs of secundair onderwijs. Dat kan tot een maximum van 720 dagen.

Gemeenschapsonderwijs of gesubsidieerd onderwijs

De dienstanciënniteit wordt afzonderlijk berekend in het gemeenschapsonderwijs enerzijds en het gesubsidieerd onderwijs anderzijds.

Bijvoorbeeld: om de voorrang te bepalen voor een tijdelijke aanstelling in het gemeenschapsonderwijs, tellen alleen de prestaties in dat onderwijsnet mee. En omgekeerd, in het gesubsidieerd onderwijs tellen alleen diensten mee binnen het gesubsidieerd onderwijs.

Tijdelijk of vastbenoemd

De berekening van je dienstanciënniteit is anders voor je tijdelijke prestaties dan voor je diensten als vastbenoemde:

  • Diensten als vastbenoemd personeelslid worden gerekend vanaf het begin tot het einde van een ononderbroken periode van dienstactiviteit, met inbegrip van alle vakantieperiodes.
  • Tijdelijke diensten worden met 1,2 vermenigvuldigd. Vakantieperiodes tellen niet mee. Een uitzondering geldt voor het administratief personeel en voor personeelsleden van de CLB’s, de semi-internaten en de opvangcentra. Voor hen geldt dezelfde berekening als voor vastbenoemde personeelsleden.

Onvolledige opdracht

Diensten die minstens een halftijdse opdracht uitmaken, tellen volledig mee. Diensten die minder dan een halftijdse opdracht uitmaken, tellen maar voor de helft mee.

Uitzonderingen

Voor een aantal personeelscategorieën gelden specifieke regels voor de berekening van de dienstanciënniteit.

Vraag het na op je secretariaat of raadpleeg de decreten voor meer details.

Naar boven

Verlof en dienstanciënniteit

Bepaalde verlofstelsels of afwezigheden zijn gelijkgesteld met dienstactiviteit, andere niet.

Soms word je als actief in dienst beschouwd, zodat de teller van je dienstanciënniteit blijft lopen. Dat is onder meer het geval voor:

  • Verlof voor verminderde prestaties
  • Loopbaanonderbreking
  • Zwangerschapsverlof

In andere gevallen sta je op non-actief en telt de periode van afwezigheid of verlof niet mee voor je dienstanciënniteit. Bijvoorbeeld bij terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aangelegenheden.

Naar boven
 


Extra informatie

Verwante pagina’s

Regelgeving