Vakantiegeld

Voorwaarden

Vakantiegeld ontvang je in de maand mei, als je aan 2 voorwaarden voldoet:

  • Je werkte in het vorige kalenderjaar (of referentiejaar) in het onderwijs.
  • Het ministerie betaalde je salaris voor die prestaties.

Naar boven

Hoeveel vakantiegeld krijg je?

Afhankelijk van je prestaties

Je ontvangt vakantiegeld in verhouding tot de geleverde prestaties.

  • Heb je een betrekking met volledige prestaties, dan heb je recht op het maximum.
  • Werkte je minder, dan wordt het bedrag aangepast in verhouding tot de duur en de omvang van je afwezigheid. Zwangerschapsverlof telt niet als een afwezigheid en geeft dus recht op vakantiegeld.
  • Heb je maar enkele korte periodes in het onderwijs gewerkt, dan berekent de administratie voor elk van die periodes het vakantiegeld en telt zij alles samen.
  • Lever je meer dan volledige prestaties, dan ontvang je voor die extra prestaties geen extra vakantiegeld.

Afhankelijk van je statuut

De berekening van het vakantiegeld is anders voor tijdelijke dan voor vastbenoemde personeelsleden.

Presteerde je in 2015 uitsluitend diensten als vastbenoemd of tot de proeftijd toegelaten personeelslid? Dan bedraagt je vakantiegeld in mei 2016 70,26% van je brutosalaris van de maand maart 2016.  Je krijgt een lager vakantiegeld dan tijdelijke personeelsleden, maar dat wordt gecompenseerd met een hogere eindejaarspremie (Meer informatie: raamakkoord vakantiegeld en eindejaarstoelage.)

Presteerde je in 2015 diensten als tijdelijk personeelslid?
Dan bedraagt je vakantiegeld 92% van je brutosalaris van de maand maart 2016

Naar boven

Aanvullend vakantiegeld voor schoolverlaters

Was je in 2015 schoolverlater, dan ontvang je onder 2 extra voorwaarden ook vakantiegeld voor de periode tussen 1 januari en de datum van je eerste indiensttreding in 2016:

  • Je was jonger dan 25 jaar op 31 december 2015.
  • Je trad binnen de 4 maanden na het afstuderen voor de eerste maal in dienst in het onderwijs. Heb je tijdens die 4 maanden ook in de privésector gewerkt, dan wordt die periode in mindering gebracht.

Zelf aanvragen

Je moet zelf de aanvraag in orde brengen.
Vul het aanvraagformulier voor aanvullend vakantiegeld in en bezorg dat zo snel mogelijk via je schoolsecretariaat aan het ministerie van Onderwijs:

Aanvraagformulier voor aanvullend vakantiegeld.docx

Naar boven

Uitbetaling in mei

Je ontvangt het vakantiegeld 2016 op 26 mei 2016.

Naar boven

Voorbeelden vakantiegeld 2016

Salarisschaal 501 – licentiaat/master

Leraar in het secundair onderwijs, 3de graad, met een lesopdracht van 20/20 (volledige referentieperiode) economie, salarisschaal 501 en een geldelijke anciënniteit van 11 jaar op 1 maart 2016, die het hele jaar voltijds werkte

  • Is de leraar tijdelijk aangesteld, dan bedraagt het vakantiegeld 3.119,41 euro bruto.
  • Is de leraar vastbenoemd, dan bedraagt het vakantiegeld 2.382,29 euro bruto. Ter compensatie wordt de eindejaarspremie met 764,25 euro bruto verhoogd.

Meer informatie: raamakkoord vakantiegeld en eindejaarstoelage.

Salarisschaal 141 – kleuteronderwijzer

Kleuteronderwijzer  met een lesopdracht van 24/24 – volledige referentieperiode), salarisschaal 141 en een geldelijke anciënniteit van 32 jaar op 1 maart 2016.

  • Is de kleuteronderwijzer tijdelijk aangesteld, dan bedraagt het vakantiegeld 3.238,58 euro bruto.
  • Is de kleuteronderwijzer vastbenoemd, dan bedraagt het vakantiegeld 2473,29  euro bruto. Ter compensatie wordt de eindejaarspremie met 793,45 euro bruto verhoogd.

Meer informatie: raamakkoord vakantiegeld en eindejaarstoelage.

Naar boven


Extra informatie

Verwante pagina’s

Regelgeving