Europees kader voor burgerschap en democratische waarden in het onderwijs, van Reykjavik tot Athene


Persbericht kabinet Vlaams minister van Onderwijs, 11 april 2016


Hoe brengt onderwijs jongeren democratische waarden bij zoals vrijheid, verdraagzaamheid en non-discriminatie? Hoe maken we jongeren weerbaar? Vragen waarop de Europese onderwijsministers een antwoord bieden met een competentiekader rond burgerschap. De Conferentie van Onderwijsministers van de Raad van Europa vergadert hierover vandaag en morgen in Brussel. Het gaat om 20 kerncompetenties: waarden, attitudes, vaardigheden en kennis (kritisch denken) waarmee leraren aan de slag kunnen in de klas, van Reykjavik tot Athene. Voor het eerst werden deze competenties ook vertaald naar wat leerlingen concreet moeten kennen en kunnen. Meer dan 1.200 leraren en experten over heel Europa werkten mee. Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits wil dit kader nu in de praktijk laten uittesten door 40 leraren en lerarenopleiders in Vlaanderen. In overleg met de Vlaamse Onderwijsraad (VLOR) wordt bepaald hoe scholen concreet kunnen meewerken.

België is gastland voor deze Permanente Conferentie van Onderwijsministers van de Raad van Europa die om de vier jaar georganiseerd wordt. Minister Crevits mag de openingstoespraak houden en zal onder meer wijzen op het belang van de bijeenkomst in het licht van de recente gebeurtenissen in Brussel en Parijs. Twee dagen lang komen 50 landen en hun onderwijsministers samen in Brussel over de rol van onderwijs in het aanleren en ontwikkelen van burgerschap en democratische waarden bij jongeren. De onderwijsministers willen zo een positief antwoord geven op de uitdagingen rond radicalisering vandaag. Het bouwt verder op het ‘Actieplan over de strijd tegen gewelddadig extremisme en radicalisering dat leidt tot terrorisme’ uit 2015.

‘Klavertje vier’ rond burgerschapseducatie

Het instrument biedt scholen, leraren en leraren­opleidingen in Europa een kader van competenties die ze leerlingen kunnen bijbrengen rond burgerschap en democratie. Het gaat om specifieke waarden, attitudes, vaardigheden en kennis (kritisch denken) zoals het waarderen van culturele diversiteit, verantwoordelijkheid nemen, vaardigheden om samen te werken of kritisch nadenken over taal en communicatie.

Hoewel de landen van de Raad van Europa deze competenties aanvaarden zijn er grote verschillen Europawijd over de interpretatie. Wanneer kan je zeggen dat een leerling een competentie beheerst? Daarom werden de 20 kerncompetenties nu vertaald naar wat een leerling concreet moet kennen en kunnen. Zo vertaalt ‘kennis van en kritisch omgaan met media’ zich onder meer in ‘het kunnen toelichten wat propaganda is’ of ‘het kritisch kunnen nadenken over de mogelijke intenties van wie online berichten plaatst’.

Dat maakt het competentiekader tot een heldere kapstok om lessen en projecten in de klas aan op te hangen. Aan het instrument is ook een leerlijn toegevoegd: welke competenties kunnen op welke manier en op welk onderwijsniveau (kleuter, lager, secundair of hoger) worden aangebracht. Het instrument is ontwikkeld op basis van de kennis en ervaring van meer dan 1.200 leraren en experten over heel Europa.

Testfase in Vlaanderen

Twaalf landen zullen dit kader in de praktijk uittesten, waaronder Vlaanderen (België). In Vlaanderen gaan er 40 leraren en lerarenopleiders aan de slag. Ze gaan na of het kader werkbaar is binnen een concrete klas- of schoolcontext. De resultaten uit de twaalf landen vormen de basis om het competentiekader verder te verfijnen. Minister Crevits wil scholen nu enthousiast maken voor deze testfase. In overleg met de Vlaamse Onderwijsraad wordt bepaald hoe scholen concreet kunnen meewerken.

Het kader kan ook het eindtermendebat inspireren dat momenteel in de Commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement wordt gevoerd. De eindtermen zijn 20 jaar oud en aan actualisatie toe. Het biedt een spiegel voor de bestaande eindtermen rond burgerschap en democratische waarden.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “In november vorig jaar heb ik mijn collega-onderwijs­ministers uitgenodigd op deze conferentie. Dat die nu net plaatsvindt hier in Brussel, op de plek waar we enkele weken geleden zo’n verschrikkelijke aanslagen hebben meegemaakt, is een krachtig signaal. Het is belangrijk dat we onze jeugd waarden rond democratie en burgerschap meegeven, hen weerbaar maken met een brede en kritische blik op onze samenleving. Het competentiekader kan een handig instrument worden voor leraren om hieraan te werken in de klas en op school en kan ook het eindtermendebat dat we momenteel voeren in Vlaanderen inspireren.”

pdf bestand20 kerncompetenties burgerschap en democratische waarden in het onderwijs (pdf, 1 p.) (82 kB)