Oproep voor de organisatie van COVID-19-zomerscholen

De deadline voor deze oproep is verstreken op 7 juli 2020. De pagina blijft louter ter informatie nog enige tijd online.

Dit is de tweede oproep om een project zomerschool 2020 in te dienen, met als uiterste indieningsdatum 7 juli 2020 om 12 u stipt.

Opgelet:

  •  Diende u in de eerste ronde (met deadline 5 juni 2020) al een aanvraag in en is uw aanvraag geselecteerd? Dan kan u alleen een volledig nieuwe aanvraag indienen in de tweede ronde als er een uitbreiding van de zomerklassen is. Andere aanpassingen zijn niet mogelijk.
     
  • Diende u in de eerste ronde (met deadline 5 juni 2020) al een aanvraag in, maar is uw project niét geselecteerd? Dan kan u een nieuwe aanvraag indienen in de tweede ronde.
     
  • Hebt u nog geen aanvraag ingediend in de eerste ronde, dan kunt u dat in de tweede ronde doen.

De oproep betreft de organisatie van een gevarieerd aanbod aan zomerscholen dat stevig gekoppeld is aan de onderwijsdoelen en het individueel onderwijstraject van leerlingen uit zowel het lager als het secundair onderwijs.

Het doel van de zomerscholen is om maatwerk op individueel niveau aan te bieden aan kleine groepen kinderen en jongeren zodat zij (en hun leerkrachten en ouders) zich bij de aanvang van het schooljaar 2020-2021 gesterkt weten. Sommige leerlingen hebben door het opschorten van de lessen op school omwille van de COVID-19 pandemie immers een leerachterstand opgelopen, bij anderen is de bestaande kloof vergroot en nog andere leerlingen zijn onvoldoende bereikt.

De oproep ‘zomerscholen’ richt zich tot het onderwijsveld en zijn vele partners op het terrein. De voorwaarden om in aanmerking te komen voor subsidiëring, worden in dit document in detail opgenomen. Het aanvraagformulier is bijgevoegd.  

Dit voorstel is vanzelfsprekend onderhevig aan de beslissingen van de Nationale Veiligheidsraad inzake de organisatie van zomeractiviteiten en kan in de loop van het traject nog worden gewijzigd.

De lijst met zomerscholen die verschenen is in de pers op 9 juni 2020, is de lijst met aanvragen van zomerscholen uit de eerste ronde. Het is geen lijst met geselecteerde zomerscholen. De selectie is nog aan de gang. Zomerscholen komen zo snel mogelijk te weten of zij wel of niet geselecteerd zijn - in elk geval vóór eind juni.


1.    PROJECTDOELSTELLINGEN EN AANBOD

Leerlingen kunnen in de zomerschool terecht voor een onderwijsaanbod dat gekoppeld is aan hun onderwijstraject. Dit gebeurt via maatwerk aan leerlingen in kleine groepen van maximaal 10 tot 14 personen (cf. ‘social distancing’). Doordat de groepen zo klein zijn, is maatwerk ook haalbaar en realiseerbaar. Voorbeelden hiervan zijn onder meer:

  • het clusteren van leerlingen met gelijkaardige noden, waarbij bijvoorbeeld collectieve instructiemomenten afgewisseld worden met individuele begeleiding rond een gedeeld onderwerp/doel van een groep;
  • een duidelijke intake van noden bij leerling(en) die vervolgens tot een volledig individueel traject op maat leidt, maar waarbij wel een klasgroep gevormd wordt voor het sociale aspect (tijdens groepsmomenten).

De didactiek wordt in elk geval afgestemd op de concrete invulling van het maatwerk en de specifieke noden van de individuele leerlingen.

Een zomerschool kan in eerste instantie een remediërend doel hebben voor leerlingen die een bepaalde achterstand hebben opgelopen omwille van de verloren lestijd tijdens de coronaperiode en die dus extra ondersteuning kunnen gebruiken. De focus ligt hierbij vooral op het vullen van leerhiaten.

Een zomerschool kan in tweede instantie een voorbereidend/stimulerend doel hebben of in functie staan van de oriëntatie van leerlingen naar een bepaald studiegebied of een bepaalde studierichting in het secundair onderwijs. Of van leerlingen die een grotere overstap zullen maken, zoals van het lager naar het secundair onderwijs of van het secundair naar het hoger onderwijs.

Het aanbod vertrekt steeds vanuit de essentiële leerstof (zoals bij de ‘preteaching’).

Elke zomerschool maakt zelf een selectie van idealiter twee vakken of leergebieden per leerling in functie van de beschikbaarheid van de aanwezige expertise en de onderwijstrajecten van de leerlingen. Een zomerschool werkt dus voor elke leerling toe naar een duidelijke finaliteit (leerachterstand wegwerken, oriëntering, …). De zomerschool heeft hierbij ook oog voor de nodige afwisseling tijdens het leren. Een combinatie van formeel leren en andere elementen zoals sport, cultuur, … (het zogenaamde verrijkingsprogramma) kan motiverend en stimulerend werken voor de deelnemende leerlingen. Concreet moet per voltijdse dag minimaal de helft van de tijd besteed worden aan de onderwijsdoelen. In de andere helft van de tijd kan er meer ingezet worden op educatieve speelvormen waarin een schools karakter minder wordt benadrukt. Dit vraagt om een flexibele organisatie van het aanbod.

Dit aanbod wordt bij voorkeur lokaal georganiseerd, zodat de zomerscholen goed bereikbaar zijn voor leerlingen en er een schoolnabije werking kan worden gegarandeerd.

Het aanbod is kosteloos voor de deelnemers. Er wordt in principe een waarborgsysteem gehanteerd met de nodige sociale correcties: bij deelname zal de aanbieder de waarborg na afloop terugbetalen aan de ouders. Dit zet het niet-vrijblijvend karakter van het aanbod in de verf en kan uitval van leerlingen vermijden. De aanbieder kan evenwel beslissen van dit waarborgsysteem af te zien.

Leerlingen nemen vrijwillig deel. Een leerling kan m.a.w. niet verplicht worden tot deelname aan een zomerschool. Wel hebben klassenraden en/of het betrokken CLB, maar ook lokale partners zoals bv. jeugdwerking, welzijnsorganisaties een cruciale rol in de stimulering en toeleiding van leerlingen naar de zomerscholen.

Wanneer de vraag het aanbod overstijgt, zal de aanbieder een selectie maken van de leerlingen die het meeste nood hebben aan deze remediëring in overleg met de instanties die de kinderen en jongeren hebben toegeleid.
 

2.    DOELGROEP

De zomerscholen zijn bedoeld voor leerlingen uit het:

  • gewoon en buitengewoon lager onderwijs;
  • gewoon secundair onderwijs inclusief OKAN, deeltijds onderwijs en leren en werken;
  • buitengewoon secundair onderwijs: OV3 en OV4.

Het staat aanbieders vrij om te kiezen op welke doelgroep ze zich richten. Een logische keuze is dat een basisschool haar zomerschoolaanbod richt op leerlingen uit het basisonderwijs, maar het is ook mogelijk dat een secundaire school een aanbod organiseert voor leerlingen van het zesde leerjaar basisonderwijs. Een hogeronderwijsinstelling kan een aanbod organiseren voor leerlingen uit het zesde leerjaar secundair onderwijs.

3.    POTENTIËLE AANBIEDERS


3.1 Welke aanbieders kunnen autonoom een zomerschool organiseren?

De zogenaamde ‘primaire aanbieders’ kunnen autonoom een zomerschool organiseren.

Primaire aanbieders – die ook onderling kunnen samenwerken - zijn:

  • onderwijsinstellingen: basisscholen, secundaire scholen, scholengemeenschappen, schoolbesturen, instellingen voor hoger onderwijs (in eerste instantie lerarenopleidingen), centra voor volwassenenonderwijs;
  • lokale besturen en provinciebesturen vanuit hun rol inzake flankerend onderwijsbeleid.

Primaire aanbieders kunnen op eigen initiatief autonoom een zomerschool aanbieden. Zij kunnen ervoor kiezen om een samenwerkingsverband aan te gaan met andere partners, ook in het kader van het verrijkingsprogramma (bv. sport, cultuur, jeugdwerk).

Lokale besturen en provinciebesturen kunnen een aanvraag indienen vanuit (a) hun rol als inrichtende macht van een of meerdere scholen of (b) vanuit een regierol voor alle of verschillende scholen op hun grondgebied (combinatie van scholen van het eigen onderwijsnet en van andere onderwijsnetten). In dat laatste geval wordt er dus slechts 1 aanvraag ingediend door het lokaal of provinciebestuur en niét door de betrokken scholen zelf.

Onderwijsinstellingen, lokale besturen en provinciebesturen kunnen een voorstel tot zomerschool indienen aan de hand van het digitaal aanvraagformulier. Als ze een samenwerkingsverband aangaan met een organisatie, dan vermelden ze dat in de aanvraag.

Primaire aanbieders die een samenwerkingsverband aangaan met meewerkende partners, beslissen in onderlinge afstemming wie welke rol opneemt doorheen het traject en maken hierover interne afspraken (al dan niet vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst).


3.2 Welke aanbieders kunnen enkel via een samenwerkingsverband een zomerschool organiseren?

Organisaties die niet behoren tot de groep van primaire aanbieders, kunnen ook een aanvraag tot zomerschool indienen, maar enkel als zij hierbij een samenwerkingsverband aangaan met een of meerdere primaire aanbieders.

Het kan gaan om:

  • organisaties die gevat worden onder de ‘pedagogische reserve’ - zie: Studieondersteuning voor leerlingen in het basis- en secundair onderwijs (rekenblad, 8 tabbladen)
  • organisaties die een unieke plaats innemen op onderdelen van het curriculum (bv. STEM-academies, organisaties die inzetten op leesbevordering, erkende ondernemingen in het kader van duaal leren);
  • reeds bestaande zomerscholen of andere initiatieven die al hun nut bewezen hebben op het vlak van individuele leerondersteuning.


4.    COÖRDINATOREN VAN EN LESGEVERS IN DE ZOMERSCHOLEN

Omdat de primaire doelstelling van de zomerscholen leren is, vormen lesgevers met pedagogische ervaring, zoals leerkrachten die beschikken over een pedagogisch bekwaamheidsbewijs, de spil van de zomerscholen. Zij geven les op vrijwillige basis. Gepensioneerde leerkrachten kunnen eveneens op vrijwillige basis lesgeven.

Studenten uit de lerarenopleiding kunnen ook lesgeven, zij het enkel in co-teaching of onder leiding van een ervaren leerkracht. Veel studenten zien hun stage dit semester in rook opgaan. Zij kunnen met hun onderwijsinstelling het gesprek aangaan over een eventuele erkenning van de lessen die ze geven in de zomerscholen als stage.

Lesgevers die geen leerkracht zijn (bv. lesgevers uit een educatieve organisatie van het samenwerkingsverband) kunnen lesgeven mits ze beschikken over voldoende pedagogische ervaring. Het is aan de aanbieder van de zomerschool om hierover te oordelen.

Coördinatie en opvolging van de activiteiten binnen de zomerschool is cruciaal in functie van de interne kwaliteitsbewaking. Enkel professionals met voldoende ervaring in het onderwijs of in onderwijsbeleid komen hiervoor in aanmerking.
 

5.    LOCATIE VAN DE ZOMERSCHOLEN

De zomerschool vindt plaats op om het even welke geschikte locatie in Vlaanderen of Brussel. Dit hoeft zeker niet beperkt te worden tot scholen. Naast scholen behoren bv. tot de mogelijkheden: culturele centra en gemeenschapscentra, gemeentelijke infrastructuur, bibliotheken, musea, ...

De zomerscholen moeten uiteraard doorgaan op locaties die voldoen aan de voorwaarden op vlak van bewoonbaarheid, veiligheid en hygiëne.
 

6.    LOOPTIJD

De zomerscholen vinden plaats in de zomervakantie van 2020 voor een minimale duur van 10 voltijdse dagen bij voorkeur gespreid over 2 opeenvolgende (werk)weken of 20 halve dagen bij voorkeur gespreid over 4 opeenvolgende weken. Een voltijdse dag heeft het equivalent van 8 uur, een halve dag van 4 uur.

  • De zomerscholen 2020 van  de eerste ronde (deadline 5 juni 2020 )kunnen starten op 6 juli en lopen tot en met uiterlijk 28 augustus 2020, rekening houdend met de bepalingen die worden vastgelegd door de Nationale Veiligheidsraad.
    De selectie van de zomerscholen uit de eerste ronde gebeurt in de week van 8 juni zodat de klassenraden de zomerscholen tijdig kunnen meenemen in hun advies aan de leerlingen en hun ouders.
     
  • De zomerscholen 2020 van  de tweede ronde (deadline 7 juli 2020 )kunnen starten op 27 juli en lopen tot en met uiterlijk 28 augustus 2020, rekening houdend met de bepalingen die worden vastgelegd door de Nationale Veiligheidsraad.
    De selectie van de zomerscholen uit de tweede ronde gebeurt in de eerste helft van juli 2020.

7.    KWALITEIT & SELECTIE

De zomerscholen die een aanvraag hadden ingediend voor de eerste ronde (deadline 5 juni) zijn geselecteerd. Hun aanbod wordt binnenkort gepubliceerd op deze website. Dat wordt later aangevuld met het aanbod van de zomerscholen die een aanvraag indienen voor de tweede ronde (deadline 7 juli).

De kwaliteitsbewaking van de zomerscholen is in de eerste plaats de verantwoordelijkheid van de aanbieders zelf, al dan niet ondersteund door hun pedagogische begeleidingsdienst. Net zoals scholen de eerste verantwoordelijken zijn voor hun kwaliteit, zijn zomerscholen dat ook.

Aan de aanbieder(s) wordt gevraagd om in hun aanvraag een aantal kwaliteitsaspecten te expliciteren. Op die manier wordt de interne kwaliteitszorg van de aanbieders meegenomen bij de beoordeling en selectie. Beoordelingscriteria op het vlak van kwaliteit zijn:

  • De koppeling van het aanbod aan de onderwijsdoelen
  • Het maatwerkgehalte van het aanbod
  • De pedagogische onderbouwing van het voorstel
  • De monitoring en evaluatie van de leerlingen

Bij de selectie door het Departement Onderwijs en Vorming zal eveneens rekening worden gehouden met een evenwichtige spreiding (regionaal, onderwijsniveaus, onderwijsverstrekkers, …).

Aangezien de noden van de individuele leerlingen het uitgangspunt vormen van de zomerscholen, zal niet alles reeds in de aanvraag geëxpliciteerd kunnen worden. Immers, pas ten vroegste vanaf het einde van het schooljaar zal er een concreet zicht zijn op de diversiteit onder de leerlingen en de benodigde afstemming. Wel willen we met deze criteria een minimum aan kwaliteit garanderen aan de leerlingen, en de interne kwaliteitszorg van de aanbieders stimuleren. Ook moet het de overheid toelaten om na afloop van de zomerscholen een aantal data te verzamelen die als input kunnen dienen voor het onderwijsbeleid, en de start van het volgende schooljaar.

Los van de selectiecriteria, verklaart de aanbieder dat elke lesgever beschikt over een uittreksel uit het strafregister (model 2) dat het vroegere ‘getuigschrift van goed zedelijk gedrag’ vervangt.
 

8.    BUDGET

Er wordt gekozen voor een eenvoudig subsidiesysteem. De aanbieder neemt in zijn aanvraag het aantal in te richten zomerklassen op (d.w.z. een groep van maximaal 10 tot 14 leerlingen die 10 dagen of 20 halve dagen les krijgen) en per zomerklas het aantal (halve) dagen en het uurregime (4/8u). Per zomerklas voorzien we een subsidie van maximaal 2.500 euro (voor 10 dagen à 8 uur of voor 20 dagen à 4 uur).

Meteen na het afsluiten van de selectieprocedure, ontvangen de geselecteerde initiatieven een eerste schijf van 80% van de toegekende subsidie. Aangezien de indieners niet op voorhand het aantal deelnemers aan de verschillende zomerklassen kunnen opgeven, gaan we bij de uitbetaling van deze eerste schijf uit van een maximale deelname aan elke zomerklas (zijnde een groep van 14 leerlingen).

Na afloop van de zomerschool zullen de effectieve deelnemersaantallen worden opgevraagd. Deze cijfers worden gebruikt om het saldo te berekenen. Daarbij wordt rekening gehouden met volgende criteria:

  • Het voorziene forfaitaire bedrag wordt volledig uitbetaald indien minimum 7 leerlingen op regelmatige basis hebben deelgenomen.
  • De subsidie wordt gehalveerd indien er slechts tussen de 3 en 6 leerlingen op regelmatige basis deelnamen.
  • Bij een nog lager aantal leerlingen beperken we de subsidie tot 250 euro per leerling.

De subsidie voor de zomerscholen uit de tweede indieningsronde wordt uitbetaald aan de aanbieder die de aanvraag indient. Als een lokaal of provinciebestuur vanuit zijn regierol een gezamenlijke aanvraag indient voor de verschillende onderwijsinstellingen op zijn grondgebied, staat het lokaal bestuur of provinciebestuur in voor de verdeling van de subsidies onder de betrokken onderwijsinstellingen.

In het geval een samenwerkingsverband wordt aangegaan met een andere organisatie, maken de partners onderlinge afspraken over de interne verdeling en besteding van de subsidie.
 

9.    COMMUNICATIE

Er bestaat niet zoiets als één type zomerschool dat in alle scholen of op andere locaties op een identieke wijze kan worden uitgerold. Elke zomerschool zal eigen accenten leggen o.b.v. het onderwijsniveau, de onderwijsvorm, de leeftijd, de keuze van vakken …

Het is belangrijk dat de ouders en leerlingen voldoende op voorhand geïnformeerd worden over de inhoud en de doelstelling(en) van het concrete aanbod.

Alle informatie over geselecteerde zomerscholen die de overheid verzamelt via het aanvraagformulier wordt gebundeld op een website en via een duidelijk keuzeaanbod ter beschikking gesteld van scholen, ouders en leerlingen.

Klassenraden kunnen op basis van dit aanbod leerlingen, die er nood aan hebben, stimuleren om deel te nemen aan een zomerschoolinitiatief dat aansluit op hun noden en behoeften.  Het is niet de bedoeling dat klassenraden zomerscholen een plaats geven in de formele beoordeling van hun leerlingen. Zomerscholen blijven immers een vrijwillig en niet-formeel traject, en kunnen bijgevolg niet worden verplicht.
 

10.    EEN AANVRAAG INDIENEN

Opgelet:

  •  Diende u in de eerste ronde (met deadline 5 juni 2020) al een aanvraag in en is uw aanvraag geselecteerd? Dan kan u alleen een volledig nieuwe aanvraag indienen in de tweede ronde als er een uitbreiding van de zomerklassen is. Andere aanpassingen zijn niet mogelijk.
     
  • Diende u in de eerste ronde (met deadline 5 juni 2020) al een aanvraag in, maar is uw project niét geselecteerd? Dan kan u een nieuwe aanvraag indienen in de tweede ronde.
     
  • Hebt u nog geen aanvraag ingediend in de eerste ronde, dan kunt u dat in de tweede ronde doen.

De selectie van de zomerscholen gebeurt in de week van 8 juni zodat de klassenraden de zomerscholen tijdig kunnen meenemen in hun advies aan de leerlingen en hun ouders.

De ontvankelijkheidscriteria voor de aanvragen zijn:

  • een volledig ingevuld aanvraagformulier wordt ingediend;
  • de aanvraag bevat een zomerschool/zomerklassenaanbod gericht op leerlingen van het gewoon of buitengewoon lager, het gewoon secundair onderwijs (incl. OKAN,  deeltijds onderwijs, leren en werken) of buso OV3 en/of OV4;
  • de aanvraag is opgesteld in het Nederlands.

De selectiecriteria zijn:

  • Toeleiding en maatwerk : 3 punten
  • Samenstelling groepen en didactiek: 2 punten
  • Evaluatie en monitoring van de leerlingen: 3 punten
  • Kwaliteit van de lesgevers en coördinatie: 2 punten

Hoe aanvragen?

  1. Download éérst dit rekenblad: xlsx bestandTabel zomerschool (xlsx, 6 tabbladen) (23 kB)
     

  2. Open het rekenblad en sla het bestand meteen op met als bestandsnaam:
    postnummer_gemeente_naam-van-aanbieder.xlsx
    Bijvoorbeeld, voor de [fictieve] aanbieder 'Zomercampus 2020 'uit de stad Gent: '9000_Gent_Zomercampus-2020.xlsx'
     

  3. Vul het rekenblad in voor uw project.
     

  4. Vul dan dit aanvraagformulier in - ten laatste op dinsdag 7 juli 2020 om 12 u stipt:
    [Aanvraagformulier offline wegens deadline verstreken]

    • Upload uw rekenblad op de juiste plaats in het aanvraagformulier.

Het Departement Onderwijs en Vorming van de Vlaamse overheid selecteert de projecten die voor een subsidie in aanmerking komen. Het brengt u op de hoogte van de selectie nadat de formele beslissing over het subsidiebesluit is genomen en ondertekend. Dat kan pas na het advies van de Inspectie van Financiën. De beslissing wordt eind juni verwacht.
 

Selectie 1ste ronde

De lijst met zomerscholen die verschenen is in de pers op 9 juni 2020, is de lijst met aanvragen van zomerscholen uit de eerste ronde. Het is geen lijst met geselecteerde zomerscholen.

De selectie is nog aan de gang. Zomerscholen komen zo snel mogelijk te weten of zij wel of niet geselecteerd zijn - in elk geval vóór eind juni.