Vind een onderneming en sluit een overeenkomst

Een leerling met een onderneming matchen

  • De trajectbegeleider en de leerling zoeken samen een geschikte onderneming.
  • De onderneming voert een intakegesprek met de  leerling. De trajectbegeleider kan bij het gesprek aanwezig zijn. Een leerling die aan een intakegesprek deelneemt, is gewettigd afwezig.

Naar boven

Tijdig een overeenkomst met een onderneming sluiten

  • De leerling moet binnen 20 opleidingsdagen na de start van de lessen een overeenkomst met een onderneming sluiten. Lukt dat niet, dan moet de leerling uitschrijven voor de opleiding.
  • Die periode van 20 opleidingsdagen kan verlengd worden met de periode die nodig is om een onderneming te erkennen en met het aantal dagen dat een leerling gewettigd afwezig is. Per schooljaar kan de trajectbegeleider ook één keer een verlenging van 20 opleidingsdagen toestaan (voor het buitengewoon secundair onderwijs in OV3 als OV4 is dat zelfs 40 opleidingsdagen).
  • Bij een beëindiging van een overeenkomst moet de leerling een nieuwe overeenkomst sluiten. Dat moet binnen het resterend aantal van de 20 opleidingsdagen dat hij nog niet gebruikt had aan het begin van het schooljaar. Lukt dat niet, dan moet de leerling uitschrijven voor de opleiding.
  • Een leerling zonder overeenkomst moet voltijds naar school gaan.

Naar boven

3 soorten overeenkomsten en een opleidingsplan

Bij duaal leren sluiten de leerling, het bedrijf en de school een overeenkomst.

Er zijn 3 mogelijke overeenkomsten.

  • Stageovereenkomst alternerende opleiding:

    • De leerling leert minder dan 20 uur per week op de werkplek.
    • De leerling ontvangt geen leervergoeding.
  • Ovvereenkomst alternerende opleiding:
    • De leerling leert minstens 20 uur per week op de werkplek.
    • De leerling ontvangt een leervergoeding van de werkplek (maximaal 520 euro per maand) en bouwt een aantal socialezekerheidsrechten op.
  • Deeltijdse arbeidsovereenkomst:
    • De leerling leert minstens 20 uur per week op de werkplek.
    • De leerling ontvangt een loon dat afhankelijk is van de tewerkstellingssector en bouwt een aantal socialezekerheidsrechten op.
    • Alleen mogelijk in de non-profitsector, waarin de sociale Maribel van toepassing is (zie Federale overheid - Sociale Maribel).

Bij de overeenkomsten zijn alle aspecten van aansprakelijkheid, welzijns- en arbeidswetgeving geregeld. De leerling is dus altijd beschermd.

Meer informatie en modelovereenkomsten: Syntra Vlaanderen - Downloads werkplekleren.

Aan de overeenkomst wordt ook een opleidingsplan toegevoegd. De trajectbegeleider stelt dat plan op in overleg met de leerling en de onderneming.

Het opleidingsplan:

  • Geeft het individuele leertraject weer 
  • Is afgestemd op de noden en mogelijkheden van de leerling
  • Omvat zowel de les- als de werkplekcomponent
  • Houdt rekening met de specifieke ondernemingscontext
  • Wordt toegevoegd aan de overeenkomst

Naar boven